#ikrijvoorNL 2018

“Vorig jaar wonnen vijf initiatieven een bedrag uit de spaarpot van #IkrijvoorNL. Nu een jaar verder zijn we benieuwd hoe het hen vergaan is. De initiatiefnemers vertellen over de voortgang van hun project.

Sandra Weise

‘Het is gaaf om mijn ideeën werkelijkheid te zien worden’

Om automobilisten bewust te maken van de gevaren van smartphonegebruik in het verkeer, bedacht Sandra Weise een dynamische en interactieve e-learning. Sandra werkte jarenlang in de verslavingsreclassering, waar ze gedragstrainingen gaf. De impact van die trainingen op de deelnemers overtuigde haar van de effectiviteit ervan. Het doel van de Educatieve Training Smartphonegebruik in het Verkeer (ETSV) is om inzicht en verantwoordelijkheidsgevoel creëren, zodat deelnemers zelf besluiten om hun smartphone niet meer te gebruiken achter het stuur. Met het budget van #IkrijvoorNL kan Sandra haar initiatief realiseren. ‘Ik ben nog niet zo ver als ik had verwacht op dit moment te zijn’, vertelt Sandra. ‘Om het volledige budget te benutten, moest ik eerst een stichting opzetten. Dat bleek een behoorlijk stroperig proces te zijn. Inmiddels bestaat de stichting en is er ook een bestuur opgericht. Best spannend om ‘mijn kindje’ te moeten delen, maar alle ideeën en inzichten van de bestuursleden helpen me alleen maar verder.’

#IkrijvoorNL stelde ook een coach beschikbaar. Elise van ‘t Loo van Veilig Verkeer Nederland heeft naar de inhoud van de training gekeken en feedback gegeven. ‘Volgens Elise van ‘t Loo is de training een gat in de markt van educatie over het onderwerp verkeersveiligheid. VVN weet waar ze over praten dus het is ontzettend fijn om van een professional te horen dat je op de goede weg zit.’ De volgende stap in het proces is het ontwikkelen van de training. Daarvoor wordt een software development bedrijf aangehaakt. Na de testfase is het de bedoeling dat we de e-learning uitrollen in de zakelijke markt. ‘Omdat e-learnings toch vaak in een zakelijke omgeving worden gedaan, gaan we nadenken over slimme samenwerkingen met bedrijven en manieren om mensen te motiveren deel te nemen aan de training. Het is gaaf om alle plannen die ik mijn hoofd heb, straks verwezenlijkt te zien worden.’

Stichting Yannick

‘Op moeilijke momenten staan we stil bij alle mooie dingen die we doen met de stichting’

Stichting Yannick bedacht niet één, maar twee initiatieven die het verkeer in Nederland veiliger maken. Stichting Yannick is opgericht door Frank Frijns en Lauranne Jansen. Hun dochter Yannick werd op 31 maart 2016 op haar fiets doodgereden door een automobilist die waarschijnlijk was afgeleid door haar mobiel. Eén van de initiatieven van Stichting Yannick was het opstellen van een protocol, bedoeld voor onderzoek naar gebruik van de mobiele telefoon bij een verkeersongeval. De gegevens die daardoor vastgesteld worden kunnen dienen als bewijslast in de strafzaak. Maar, belangrijker nog, het helpt nabestaanden in het verwerkingsproces. Frank: ‘We weten nog steeds niet wat er écht is gebeurd is met Yannick. Dat is zwaar. Een protocol kan duidelijkheid verschaffen.’ Hanneke Comans-Diesfeldt, één van de oprichters van de stichting en advocaat van de familie van Yannick, is nu samen met een aantal andere partijen bezig om het protocol uit te werken. De stichting wil het protocol aanbieden aan de overheid waarna het protocol vervolgens getest wordt in diverse gemeentes en vervolgens landelijk wordt uitgerold.

Daarnaast is de familie bezig met een film om jongeren bewust te maken van de risico’s van het gebruik van de smartphone in het verkeer. Hierbij zijn niet alleen Frank en Lauranne betrokken, maar speelt ook zoon Koen een grote rol. Koen, schrijver van beroep, schreef het script voor de film en onderzocht samen met gedragswetenschappers van TeamAlert voor welke doelgroep de film gemaakt moet worden en wat voor die doelgroep belangrijk is. ‘Met dit project voelen we een enorme emotionele verbondenheid’, vertelt Frank. ‘Lauranne en ik zijn het gezicht van de stichting, maar voor Koen is het ook heel belangrijk dat hij een tastbare bijdrage kan leveren aan de stichting. We zitten nu in het proces van de realisatie. Een videoproductiebedrijf gaat de film produceren. Daarnaast zijn we bezig met het schrijven van een mediabeleid. We denken onder meer na over welke kanalen we gaan inzetten en welke influencers we gaan gebruiken om onze boodschap te verspreiden. Onze focus ligt op social media kanalen omdat daar onze doelgroep zich bevindt, maar we zijn ook in gesprek met verschillende grote talkshows om daar onze film te laten zien. Voor kerst moet de film online staan. Hoewel het heel lastig is om hier dagelijks mee bezig te zijn, omdat we telkens worden geconfronteerd met de dood van onze dochter, zijn we ook ontzettend trots. Het verdriet en gemis blijft, maar op moeilijke momenten proberen we stil te staan bij alle mooie dingen die we doen. Ieder verkeersslachtoffer die we kunnen voorkomen is er één. Dit is een project zonder einde. Zolang we de energie op kunnen brengen, gaan we door.’

TButterfly

‘Dankzij de bijdrage van #IkrijvoorNL kan ik meer voorlichting geven’

Michael Kulkens van TButterfly geeft voorlichting over de gevaren van smartphonegebruik in het verkeer op basisscholen en middelbare scholen door het hele land. Dit doet hij niet zonder reden: zijn zoon Tommy-Boy keek tijdens het fietsen even op zijn telefoon, met een fatale afloop als gevolg. Door middel van voorlichting wil Michael kinderen bewust maken van de gevaren van smartphonegebruik in het verkeer. Om nóg meer kinderen voorlichting te kunnen geven, wilde Michael één dag minder in de week gaan werken. Met het geld wat hij in 2018 van Interpolis ontving, is zijn droom werkelijkheid geworden. Inmiddels werkt hij drie dagen per week voor de stichting. Behalve aan scholieren, geeft hij ook voorlichting aan werknemers van grote bedrijven. ‘Zij worden de volgende discipelen die de boodschap verder gaan verspreiden’, vertelt Michael. ‘Ze leren hoe ze zelf voorlichting moeten geven aan kinderen op basis- en middelbare scholen. Ik heb nu ongeveer 10.000 kinderen voorlichting gegeven via ouders die werkzaam zijn bij grote bedrijven. Het butterfly effect wordt steeds groter.’

Niet alleen kan Michael meer voorlichting geven dankzij de donatie, het geeft hem ook veel meer rust. ‘Ik heb nu een normale werkweek in plaats van een 100-urige werkweek. Daar ben ik enorm blij mee.’ Over anderhalf jaar is het goed geweest voor Michael. Dan stopt hij met voorlichting geven en gaat hij weer fulltime bij zijn ‘gewone’ baan werken. ‘Natuurlijk blijft de stichting doorgaan en zal ik er in mijn vrije uurtjes tijd aan besteden. Daarom investeren we een deel van het geld in het klaarmaken van de website voor de toekomst, zodat alles door kan gaan. Maar de komende tijd focus ik me vooral op zoveel mogelijk voorlichtingen geven op scholen én bedrijven, zodat zij de boodschap weer verder kunnen vertellen!’

Team Alert

‘Het onderzoek geeft inzicht in hoe we jongeren kunnen stimuleren om hun telefoon niet te gebruiken in het verkeer’

Je kunt tegenwoordig niet meer om het begrip FOMO (Fear Of Missing Out) heen. Minder bekend, maar wel heel belangrijk is JOMO: Joy Of Missing Out. Het bewust wegleggen van je telefoon en jezelf afsluiten voor de eindeloze stroom inkomende prikkels, zorgt ervoor dat je minder snel afgeleid wordt in bijvoorbeeld het verkeer. TeamAlert haalde met hun initiatief geld op om te onderzoeken hoe je jongeren bewust maakt van de voordelen van JOMO en hoe je JOMO stimuleert.

Gea-Marit Dekker, onderzoeker bij TeamAlert, ging in gesprek met jongeren over wat FOMO en JOMO voor hen betekent. ‘Uit onze gesprekken met de focusgroep bleek dat zowel FOMO als JOMO jongeren erg aanspreken. Opvallend is dat ze FOMO niet per se als iets negatiefs zien, maar juist als betrokken en sociaal. Denk bijvoorbeeld aan het liken van vakantiefoto’s van vrienden. Jongeren zoeken naar een balans tussen beide begrippen. Dat betekent bereikbaar zijn voor belangrijke zaken, maar ook jezelf af en toe helemaal afsluiten voor social media en meer in het moment leven.’ De inzichten die uit dit onderzoek naar voren zijn gekomen, worden nu getoetst in verschillende situaties. ‘Toen we aan jongeren vroegen in welke situaties ze bereid zijn om hun telefoon weg te leggen, werd verkeer niet genoemd’, legt Gea-Marit uit. ‘In de volgende fase gaan we bepaalde situaties schetsen. Kan autorijden bijvoorbeeld een reden zijn om je telefoon weg te leggen? We willen jongeren niet verbieden om hun smartphone te gebruiken, maar op een opbouwende manier laten zien hoe je óók met je telefoon om kunt gaan. Dit moet er uiteindelijk toe leiden dat ze niet worden afgeleid door hun telefoon in het verkeer.’